BCZ Spelregels


In  de " Bridge Beter"-serie is een bijzonder aardig boekje verschenen met als titel "Bridge Beter met Ari Biter", geschreven door Berry Westra en Willem van der Linden ( een leraar lichamelijke opvoeding nota bene ! ).

Het boekje behandelt op speelse wijze een groot aantal spel- en ( vooral ! ) gedragsregels. De lezer volgt een bridgepaar op hun eerste clubavond.

Een zeer nuttig boekje voor elke bridger, ten zeerste aanbevolen !

Naar aanleiding van het instellen van de Alertprocedure en de ingebruikname van de Conventiekaart herhalen wij hieronder nogmaals de voornaamste spelregels, ( die overigens reeds eerder door Loek Elfrink in een artikel werden samengevat. U kan het artikel terugvinden op onze website - in ons Archief - onder Spelregels. )

Wij rekenen er op dat U deze vanaf nu dan ook zal toepassen !!! 

Het Bestuur


Resumé van spelregels

Je komt uit door de kaart van jouw keuze met de beeldzijde naar beneden voor je op tafel te leggen. Daarna wacht je op toestemming van je partner ( niet van de leider !!!) alvorens de kaart om te draaien.

Zolang je eigen kaart open ligt, mag je de betreffende slag nog inzien, ook al hebben andere spelers hun kaart al omgedraaid. Zodra je je eigen kaart hebt omgedraaid, verlies je het recht de slag terug te zien. Je eigen laatste kaart mag je nog pakken en weer inzien tot de volgende slag is voorgespeeld, maar je mag nooit aan de kaarten van de tegenstanders komen.

De dummy speelt nooit op eigen initiatief een kaart bij. Wanneer de dummy merkt dat de leider vanuit de verkeerde hand wil gaan voorspelen, mag de dummy deze fout proberen te voorkomen door de leider erop te wijzen aan welke kant de slag is.

De dummy mag op geen enkele manier de leider attent maken op bepaalde kaarten die op tafel liggen.

De bieding is pas gesloten na driemaal  pas.

Wacht met voorspelen tot alle kaarten van de vorige slag zijn omgedraaid.

Je mag pas een biedkaartje uit de bidding box pakken als je aan de beurt bent om te bieden. Je pakt pas een kaart uit de waaier als je aan de beurt bent om te spelen.

Iedereen houdt de slagen bij in één rijtje van plus- en minslagen. Dat rijtje mag pas opgeruimd worden nadat er overeenstemming is bereikt over de verdeling van de slagen.

Tel je kaarten om er zeker van te zijn dat je er 13 hebt. Doe dat met de beeldzijde naar beneden, voordat je ze inziet.

Onder geen enkele voorwaarde wordt het mapje tijdens het spelen van zijn plaats gehaald.

Kijk tijdens het spelen niet op het scorekaartje en ga als dummy niet de kaarten van de leider bekijken.

  Let op of Noord het mapje in de goede richting heeft neergelegd.

Elk paar controleert aan het begin van iedere ronde steeds of het rondenummer klopt, of het tafelnummer klopt, of de windrichting klopt, of het paarnummer van de tegenstanders klopt en of de spelnummers kloppen.

Probeer te spelen in een neutrale houding met een wat stoïcijnse blik.

Praat niet over een spel in het bijzijn van andere spelers. Mogelijk moeten zij dat spel nog spelen.

Nakaarten alleen na 't kaarten. Doe het alleen aan het eind van de ronde, als je klaar bent met de spellen van die tafel. Of aan het eind van de avond natuurlijk.

Accepteer geen claim als je er niet 100 % van overtuigd bent dat deze klopt.

Laat je niet de snelheid van betere tegenstanders opdringen.

Tel aan het eind van het spel je kaarten na, voordat je ze in het mapje terug doet.

Doe eerst alle vier de handen weer terug in de vakjes en ga dan pas de score invullen. Maar houd er rekening mee dat je het eerst eens moet zijn over het resultaat, alvorens de slagenrijtjes op te ruimen.

Het afwijken van bied- en tegenspelafspraken zal vaak tot een slechte score leiden.

Houd je bij wat je geleerd hebt ?

Zorg voor een goede sfeer in het partnership, dat komt de gezelligheid aan tafel ten goede.

 

 

 (28 februari 2003 )